In het kort
Een goede leider in een team met AI-agents maakt het doel helder, kiest wat hij aan agents overlaat en wat bij mensen blijft, maakt fouten bespreekbaar en blijft zelf verantwoordelijk voor het resultaat. Dat is geen theorie meer: volgens het CBS gebruikt 43 procent van de mensen met betaald werk al AI in hun werk, niet per se agents.
Een agent heeft een rapportage voorbereid, en jij moet beslissen of die zo naar de klant kan. Wie controleert het werk, en wie staat ervoor in als er een fout in zit? De meeste lijstjes met eigenschappen van een goede leider zijn geschreven voor teams van mensen en geven daar geen antwoord op. Hieronder lees je wat er verandert, wat Nederlandse werknemers ervan vinden, welke eigenschappen van een leider zwaarder gaan wegen, wat hetzelfde blijft en waar je als leidinggevende morgen kunt beginnen. In mijn lezingen wil ik vooral de mindset van mensen positief beĂŻnvloeden: openstaan voor verandering, in actie komen en kritisch blijven op wat het oplevert.
- In een onderzoek van Nielsen voor monday.com zegt 85 procent van de directeuren en senior managers dat goed leidinggeven in het AI-tijdperk andere vaardigheden vraagt.
- Het slagingspercentage van AI-agents op de OSWorld-test steeg van 12 naar ongeveer 66 procent, maar een op de drie pogingen mislukt nog.
- Volgens het CBS vindt 92 procent dat bij het gebruik van AI menselijke controle nodig blijft.
- Maar 26 procent van de AI-gebruikers zegt dat hun leiding duidelijk en consequent op één lijn zit over AI.
- De plicht tot AI-geletterdheid uit de AI Act geldt sinds 2 februari 2025, met toezicht vanaf 2 augustus 2026.
Lezing van Richard
Leiderschap en management in het AI-tijdperk. Koers houden als AI het werk verandert, beslissen met AI en leidinggeven aan mens en AI.
Wat verandert er met agents?
Agents worden snel beter, maar mislukken op de OSWorld-test nog bij ongeveer een op de drie pogingen.
Een AI-agent doet meer dan een vraag beantwoorden. Hij krijgt een doel, bedenkt de stappen en voert ze uit: hij zoekt informatie op, vult formulieren in, schrijft code of handelt een klantvraag af. Agents worden snel beter. Volgens het AI Index Report 2026 van Stanford HAI steeg hun slagingspercentage op OSWorld, een test met echte computertaken, van 12 procent naar ongeveer 66 procent. Ze mislukken nog altijd bij ongeveer een op de drie pogingen. Het is één test, maar de les voor leiders is helder: agents kunnen al veel, en zijn nog niet goed genoeg om blind te vertrouwen.
Organisaties gaan toch verder. Volgens het CBS gebruikt een op de zes Nederlandse bedrijven in 2025 AI, een verdubbeling ten opzichte van twee jaar eerder. Bij bedrijven met 250 of meer werkzame personen is dat 66 procent. En 32 procent van de bedrijven die AI gebruiken, zet het in voor bedrijfsadministratie of bestuurstaken, zoals risicobeoordeling, planning en de selectie van sollicitanten. Internationaal kijken leiders nog verder vooruit. In de Work Trend Index 2025 van Microsoft zei 81 procent van de leiders toen te verwachten dat agents binnen 12 tot 18 maanden matig of sterk in de AI-strategie van hun bedrijf zitten. Microsoft bedacht er een nieuw woord voor: de “agent boss”, iemand die agents bouwt, werk aan ze delegeert en ze aanstuurt.
Om met AI en agents te werken, moet je begrijpen hoe het werkt: dus spelen en experimenteren. Leidinggeven wordt het aansturen van een combinatie van mensen en agents: mensen activeren, ze de vrijheid geven om te experimenteren, en dat mogelijk maken.
Wat vinden werknemers van AI?
De meeste werkenden zijn niet tegen AI, maar willen dat er een mens aan het stuur blijft.
Wie leiding geeft aan agents, geeft vooral leiding aan de mensen die ermee werken. Hun verwachtingen en zorgen bepalen of het lukt. Het CBS vroeg er in 2025 naar in het opinieonderzoek Belevingen, en publiceerde de uitkomsten in februari 2026 in AI in de samenleving: ervaringen en opinies. Een paar uitkomsten die voor leidinggevenden tellen:
- 43 procent
van de mensen met betaald werk gebruikt AI in het werk. Bij hbo- en universitair geschoolden is dat 55 procent. - 70 procent
verwacht de komende tien jaar vaker AI te gebruiken in het werk dan nu. - Ruim de helft
van de werkenden ziet meer AI in het werk als iets positiefs. Ongeveer 10 procent staat er negatief tegenover. - 41 procent
denkt dat het eigen werk deels door AI vervangen kan worden, 4 procent denkt helemaal. Ongeveer de helft van die groep maakt zich daar zorgen over. - 92 procent
vindt dat bij het gebruik van AI menselijke controle nodig blijft.
Mensen zien ook nadelen voor het vak zelf. Volgens hetzelfde onderzoek denkt 64 procent dat AI leidt tot verlies van kennis en vaardigheden van personeel, en 48 procent dat bepaalde werkzaamheden minder interessant worden. Tegelijk verwacht 57 procent dat AI de productiviteit verhoogt. TNO geeft een nuchter tegenwicht. In een verkenning op basis van de Nationale EnquĂŞte Arbeidsomstandigheden (juni 2026) verwacht ruim zestig procent van de werknemers dat hun werk over vijf jaar nog grotendeels hetzelfde is. Ongeveer 40 procent zegt nu al dankzij technologie meer werk in dezelfde tijd te doen. Maar hogere productiviteit leidt volgens TNO niet vanzelf tot minder werkdruk. Ongeveer een derde van werkgevers en werknemers verwacht dat de mentale belasting toeneemt, en het aandeel werknemers met burn-outklachten steeg van 14 procent in 2014 naar 20 procent in 2024. Voor een leider betekent dat: de meeste werkenden zijn niet tegen AI, maar willen weten waar het heen gaat, willen dat er een mens aan het stuur blijft en willen niet dat de tijdwinst opgaat aan nog meer werk.
Welke eigenschappen tellen nu?
Volgens 85 procent van de ondervraagde managers vraagt goed leidinggeven in het AI-tijdperk andere vaardigheden.
Leidinggevenden merken zelf dat het vak verandert. In het AI-rapport 2026 van monday.com, een onderzoek van Nielsen onder 1.701 directeuren en senior managers in zeven landen in opdracht van deze softwareleverancier, zegt 85 procent dat goed leidinggeven in het AI-tijdperk andere vaardigheden vraagt.
Een helder doel stellen
Als mensen het werk doen, wordt een vage opdracht onderweg bijgestuurd. Een agent doet precies wat hij heeft begrepen. De Work Trend Index 2026, een onderzoek onder 20.000 AI-gebruikers in tien landen waaronder Nederland, noemt dat de nieuwe rol van mensen: “setting clear intent”. Je beschrijft welk resultaat je wilt, welke kwaliteit daarbij hoort en hoe het werk tussen mensen en AI is verdeeld. In de praktijk betekent dat: een goede leider kan in twee zinnen zeggen wanneer iets af is, en wat niet goed genoeg is.
Kiezen wat je uit handen geeft
Als een agent op de OSWorld-test bij een op de drie pogingen nog mislukt, is de vraag niet “kan hij dit?” maar “wat gebeurt er als het misgaat?”. Een leider bepaalt waar agents zelfstandig werken, waar een mens het resultaat controleert en waar het werk helemaal menselijk blijft. Die keuze hangt af van de prijs van een fout, niet van hoe indrukwekkend de demonstratie was.
Ruimte maken om te experimenteren
Dit is misschien de meest onderschatte eigenschap. In de Work Trend Index 2026 zei 45 procent van de AI-gebruikers dat het veiliger voelt om bij de huidige doelen te blijven dan het werk opnieuw in te richten met AI. Maar 13 procent zei beloond te worden voor het vernieuwen van hun werk met AI, ook als de resultaten uitblijven. Microsoft noemt dat de Transformation Paradox: mensen willen wel, maar de organisatie beloont nog de oude manier van werken. Leidinggevenden maken het verschil. In een onderzoek onder 1.800 werkenden dat Microsoft in hetzelfde rapport aanhaalt, hadden medewerkers van managers die zelf zichtbaar met AI werkten 30 punten meer vertrouwen in agentic AI. Een leider die de tools zelf gebruikt en eerlijk zegt wat niet werkte, geeft het team toestemming om het ook te proberen.
Eén lijn aan de top
Volgens dezelfde Work Trend Index zegt maar 26 procent van de AI-gebruikers dat hun leiding duidelijk en consequent op één lijn zit over AI. Geeft de top gemengde signalen, dan maakt elke leidinggevende daaronder eigen keuzes over agents, gegevens en risico’s. Een goede leider zorgt dat het team de afspraken kent: welke taken bij agents liggen, welke gegevens erin mogen en welke beslissingen bij mensen blijven. Zonder die afspraken verandert het werk toch, alleen zonder jou. Ook het onderzoekslab van SAP SuccessFactors ziet dat gat. In verwant onderzoek van SAP zegt 88 procent van de werknemers dat hun werk door AI veranderd is, en de helft van die veranderingen kwam zonder echte begeleiding van leidinggevenden of organisatie. En 72 procent van de topbestuurders (de C-suite) zegt dat de meeste organisaties die werk met AI ’transformeren’ vooral bestaande banen sneller automatiseren.
Zelf verantwoordelijk blijven
Een agent kun je niet aanspreken op zijn werk. Mensen wel. Wie voor het werk van een agent instaat, is dus een keuze die de organisatie moet maken. Een goede leider neemt die rol zelf, tegenover klanten, collega’s en toezichthouders. De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) is daar helder over bij besluiten over mensen: wie een algoritme laat meebeslissen over bijvoorbeeld een kredietaanvraag of een sollicitatie, moet zorgen voor betekenisvolle menselijke tussenkomst. Die tussenkomst “mag niet alleen een symbolische functie hebben”, schrijft de AP.

Wat vraagt de wet van leiders?
Organisaties moeten sinds 2 februari 2025 maatregelen nemen voor de AI-geletterdheid van hun personeel.
In Europa staat een deel van die verantwoordelijkheid al in de wet. Volgens artikel 4 van de Europese AI-wetgeving (AI Act) moeten organisaties die AI-systemen aanbieden of gebruiken maatregelen nemen voor de AI-geletterdheid van hun personeel. De Europese Commissie legt uit dat die plicht geldt sinds 2 februari 2025, en dat nationale toezichthouders er vanaf 2 augustus 2026 toezicht op houden en kunnen handhaven. Een certificaat is volgens de Commissie niet nodig, en een speciale AI-officer of AI-commissie is niet verplicht. De AP helpt organisaties op weg met handreikingen. In Verder bouwen aan AI-geletterdheid (oktober 2025) schrijft de AP dat iedereen die binnen of namens een organisatie met AI werkt, kennis en begrip moet hebben van hoe die systemen werken, en ook van de sociale, ethische en praktische kanten. De AP noemt AI-geletterdheid “een kernvoorwaarde voor verantwoorde ontwikkeling en inzet van AI en algoritmes”.
Daar is nog werk te doen. Uit een enquĂŞte van de AP onder 1600 bedrijven (april 2025) bleek dat het bedrijfsleven zichzelf onvoldoende ingericht vindt voor algoritmes die persoonsgegevens verwerken. Bedrijven gaven aan te weinig te weten over de regels en risico’s. Daarnaast is er een praktisch risico dat elke leidinggevende kent. De AP kreeg meldingen van datalekken doordat medewerkers persoonsgegevens van klanten of patiĂ«nten in een AI-chatbot zetten, vaak op eigen initiatief en tegen de afspraken met de werkgever in. De AP vraagt organisaties om medewerkers duidelijk te maken welke gegevens ze wel en niet mogen invoeren. Dat is precies het soort afspraak dat bij een leider begint.
Wat blijft hetzelfde?
De klassieke eigenschappen van een goede leider blijven, alleen zie je ze op een andere plek.
Meer dan de hype doet vermoeden. Vraag mensen wat een goede leider is en dezelfde eigenschappen komen terug: een duidelijke visie, integriteit, empathie, goed communiceren, durven beslissen en blijven leren. Geen daarvan verdwijnt als agents meewerken. Wel verandert waar je ze ziet. Dat leiders minder de baas spelen en meer ruimte geven, is overigens geen nieuw idee; we schreven er eerder over in leiders van de 21ste eeuw mogen niet meer de baas spelen.
- Visie
wordt een doel waar een agent mee aan de slag kan: concreet, met grenzen en met een beeld van wat goed is. - Integriteit
betekent nu ook open zijn over wat mensen deden en wat software deed, en voor allebei instaan. - Empathie
wordt belangrijker, niet minder belangrijk. Ongeveer de helft van de werkenden die denken dat AI hun werk kan overnemen, maakt zich daar zorgen over. Een leider die luistert, houdt die mensen aan boord. - Communiceren
gaat ook over het uitleggen van beslissingen die een agent heeft voorbereid, in gewone taal. - Durven beslissen
betekent kiezen wat je automatiseert en wat menselijk blijft, in plaats van dat aan de tool over te laten. - Blijven leren
is geen keuze meer. Een leider die zelf met AI werkt, kent de grenzen ervan en krijgt meer vertrouwen van het team.
Hoe leid je mensen en agents?
Een paar vaste gewoontes helpen, van een eigenaar per agent tot letten op de werkdruk.
Wie agents inzet zonder ethische kaders, loopt risico’s: van oneerlijke uitkomsten tot verlies van vertrouwen bij klanten. Daarover gaat leiderschap in het AI-tijdperk: ethische valkuilen vermijden. Naast zo’n kader helpen deze gewoontes in de dagelijkse praktijk:
- Geef elke agent een eigenaar.
Iemand die weet wat de agent doet, het werk controleert en hem kan uitzetten. - Spreek af welke gegevens erin mogen.
Zeg vooraf welke informatie medewerkers wel en niet in een AI-tool zetten, zoals de AP vraagt. - Bespreek fouten openlijk.
Behandel een fout van een agent zoals elk ander incident: wat gebeurde er, waarom, en wat verandert er. - Meet het resultaat, niet de drukte.
Een agent kan veel produceren. De vraag is of het werk beter werd. - Let op de werkdruk.
Als het team meer doet in dezelfde tijd, kijk dan of die winst niet opgaat aan nog meer werk. TNO ziet dat productiviteitswinst niet vanzelf de werkdruk verlaagt. In het onderzoek van monday.com zegt 29 procent van de managers dat AI hun werkuren juist verhoogde. - Zie het sturen van agents als echt werk.
Bij Anthropic zelf zag het bedrijf in eigen onderzoek dat meta-werk steeg van 10 procent van de interactieve Claude-sessies van medewerkers in het najaar van 2025 naar 22 procent in het voorjaar van 2026, en een groot deel van die stijging kwam door het managen van agents: opdrachten uitschrijven, de ene agent het werk van de andere laten nakijken, toezicht houden. Het zijn cijfers van het bedrijf over zijn eigen mensen, maar ze laten zien dat agents sturen een taak op zich wordt. - Investeer eerst in mensen.
In de Work Trend Index 2025 was bijscholing van de huidige medewerkers (47 procent) de belangrijkste prioriteit van leiders, net voor uitbreiden met digitale arbeid (45 procent).
Richard spreekt hierover
Leiderschap en management in het AI-tijdperk. Koers houden als AI het werk verandert, beslissen met AI en leidinggeven aan mens en AI.
Veelgestelde vragen
Wat maakt een goede leider nu?
Dezelfde eigenschappen als altijd, maar anders ingezet: een helder doel stellen, kiezen wat je aan agents overlaat, ruimte geven om te experimenteren, één lijn houden met de rest van de leiding en zelf verantwoordelijk blijven voor het resultaat. Daarbij komt dat je zelf met AI werkt, zodat je weet wat het kan en wat niet.
Moet een leider zelf met AI werken?
Het helpt. In een onderzoek dat Microsoft aanhaalt, hadden medewerkers van managers die zelf zichtbaar met AI werkten 30 punten meer vertrouwen in agentic AI. Je hoeft geen technicus te worden, maar wie de tools nooit gebruikt, kan moeilijk beoordelen wat het team ermee doet.
Is AI-geletterdheid verplicht?
Ja. Artikel 4 van de AI Act vraagt organisaties die AI gebruiken maatregelen te nemen voor de AI-geletterdheid van hun personeel. Volgens de Europese Commissie geldt dat sinds 2 februari 2025 en wordt er vanaf 2 augustus 2026 toezicht op gehouden. Een certificaat is niet nodig; de AP heeft handreikingen om mee te beginnen.
Nemen agents het werk van leiders over?
Niet het leiderschap zelf. Agents kunnen rapportages, planningen en analyses voorbereiden. Beslissen, uitleggen, mensen meenemen en verantwoordelijkheid nemen blijft mensenwerk, en bij besluiten over mensen vraagt de AP om betekenisvolle menselijke tussenkomst. Wel verandert de baan: minder tijd aan routine, meer aan richting geven en controleren.
Hoe reageren medewerkers op AI?
Volgens het CBS gemengd. Ruim de helft van de werkenden ziet meer AI in het werk als positief en ongeveer 10 procent als negatief. Van wie denkt dat AI het eigen werk kan overnemen, maakt ongeveer de helft zich zorgen. Open zijn over wat er verandert en wat niet, helpt meer dan geruststellen.
Waar begin je als leider?
Begin bij het werk zelf, niet bij een tool, en kies één proces om mee te starten.
AI-agents zijn niet de laatste nieuwe technologie waar je team mee te maken krijgt, dus wat je nu leert, gebruik je straks opnieuw. Zet eerst de taken van je team op een rij, van rapportages en planningen tot klantvragen, en bepaal per taak of een agent die kan doen of dat hij bij een mens hoort. Kies daarna één proces waar een agent een duidelijk, herhaalbaar deel van het werk kan overnemen. Schrijf het doel en de kwaliteitseis op. Wijs een eigenaar aan. Spreek af welke gegevens de agent wel en niet mag gebruiken. Vertel het team dat fouten in het begin normaal zijn en besproken worden, niet bestraft. Kijk na een maand samen naar het resultaat, ook naar de werkdruk.
Die kleine stap leert meer over leidinggeven met agents dan welk strategiestuk ook. Het is ook de kern van het gesprek dat veel leiderschapsteams nu voeren, bijvoorbeeld op een kick-off, en een thema in de lezing over leiderschap en management in het AI-tijdperk.

Richard van Hooijdonk is trendwatcher, futurist en internationaal keynotespreker. Veel trendwatchers en futuristen bekijken de toekomst van een afstand. Richard van Hooijdonk leeft erin. Zijn team bestaat uit mensen en AI-agents en hij heeft meerdere chips geïmplanteerd in zijn lichaam. Hij gaf meer dan 3.000 keynotes in meer dan 30 landen. Bekijk zijn keynotes →
Share via:
